De effecten van klimaatverandering bij hogere planten in Nederland
Stichting Floristisch Onderzoek Nederland

Bekijk ook de videobeelden klik hier om de video te bekijken 

Arnout-Jan Rossenaar met discussiegroepje Bijenorchis Geelrode naaldaar Straatliefdegras

Inleiding
De wilde flora omvat een belangrijk deel van de biodiversiteit in Nederland (ca 1450 soorten).
In de 20e eeuw zijn er dramatische veranderingen in de Nederlandse flora opgetreden door veranderend landgebruik, vermesting, verdroging en verzuring. Hierdoor staan er nu 500 soorten op de Rode Lijst van bedreigde soorten. Om de effecten van klimaatverandering op de flora vast te stellen is er onderzoek uitgevoerd aan door FLORON beheerde Nederlandse Floradatabanken.

Methode
Er is een analyse uitgevoerd van twee Nederlandse floradatabanken: een met oude gegevens én een met recente gegevens FLORIVON (1902-1950) en FLORBASE (1975-2000) (totaal ca. 10 miljoen records). De gegevens zijn gesplitst in drie perioden: 1902-1950, 1975-1985 en 1985-2000. Door een vergelijking van de frequentie van soorten in deze drie perioden kan worden vastgesteld welke soorten vooruit en welke soorten achteruit gaan. Door een vergelijking met de indicatorwaarden van de soorten kunnen de oorzaken, zoals bijvoorbeeld temperatuurstijging, worden opgespoord.

Resultaten
Een belangrijke oorzaak voor veranderingen van de flora in de 20e eeuw bleek de vermesting.
Deze factor heeft geleid tot een sterke achteruitgang (ten minste 15%) in de periode 1930 tot 1980. Deze factor is nog steeds dominant en heeft er samen met verdroging en verzuring voor gezorgd dat in Nederland nu één van de drie soorten hogere planten op de Rode Lijst van bedreigde soorten staat.
In de periode 1930->1980 vond een toename van een kleine groep koudeminnende soorten plaats. Deze toename van koudeminnende soorten (als Dennenorchis en Grote keverorchis) werd veroorzaakt door de vergroting van het bosareaal en de leeftijdstoename van de bossen. Hiervan profiteren deze bossoorten.
Met name in de periode 1980->2000 trad een sterke toename van warmteminnende soorten op (van 700 warmteminnende soorten nam de verspreiding meer dan gemiddeld toe, waarbij van 188 soorten sterk warmteminnende soorten de verspreiding zelfs verdubbelde). De toename van warme soorten vindt plaats in alle ecosystemen, maar is met name bij soorten van droge ecosystemen te bespeuren. Daarnaast nemen ook de aan steden gebonden, zogenaamde urbane soorten (in totaal 87) en exotische soorten toe.

Conclusies

Welke soorten profiteren?

Daarbij lijken noordelijke soorten nog niet achteruit te gaan door klimaatverandering als gevolg van de de toename van het bosoppervlak.

Samenvatting
Er komen steeds meer aanwijzingen dat het klimaat in Nederland warmer wordt. Uit recent onderzoek blijkt dat de samenstelling van de wilde flora verandert.Met name warmteminnende subtropische en mediterrane soorten profiteren. Deze sterke toename van warmteminnende soorten vindt plaats in alle ecosystemen.

Wil Tamis, Maarten van 't Zelfde, Ruud van der Meijden (Nationaal Herbarium Nederland),
Kees Groen en Arnout-Jan Rossenaar (Stichting FLORON).

Voor meer informatie
Arnout-Jan Rossenaar
Stichting FLORON
Postbus 9514
2300 RA LEIDEN
www.floron.leidenuniv.nl
071-5273547
06-10862380

 

FLORON
De Stichting FLORON is dé landelijke organisatie die zich inzet voor het meten, vastleggen en beschermen van de wilde flora in Nederland. Planten zijn bij uitstek dé graadmeters voor de kwaliteit van natuur en landschap en biodiversiteit. Ze hebben een belangrijke signaalfunctie.
De Stichting FLORON wordt daarbij geholpen door honderden vrijwilligers. FLORON werkt zoveel mogelijk samen met andere (natuurbeschermings)organisaties op het gebied van onderzoek, bescherming en herstel van de bedreigde wilde flora in Nederland.